Categoriearchief: Biologische landbouw

Deze artikelen gaan met name over de biologische landbouw en de ontwikkelingen daarin. Dit is een onderdeel van het duurzaam omgaan met onze kostbare aarde.

Herhaling van zetten.   2026-09-01

Op zoek naar privé gegevens uit het verleden kwam ik onderstaande brief aan Aike Maarsingh voormalig LTO voorzitter tegen uit 1999.
Tijdens maatschappelijk overleg georganiseerd door het ministerie van LNV over het MeerJarenPlan Gewasbescherming (MJP-G) vergelijkbaar (nu 2026) met de besprekingen over de Convenant gewasbeschermingsmiddelen die nu onderwerp van gesprekken zijn.
Daarom voelen de convenant besprekingen voor mij als een herhaling van zetten. Ik hoop dat er nu goede, haalbare afspraken gemaakt kunnen worden. 


In een mail van enkele maanden geleden heb ik aan LLTB en NMFL al de suggestie gedaan om het toelatingsbeleid Noord Europees aan te pakken

Samen met anderen was ik rond 1999 heel actief aan het schrijven naar diverse personen en instanties…

Doe er jullie voordeel mee.

Beste heer Aike Maarsingh,                                       brief verzonden in 1999   

Lig niet dwars, maar werk nu mee.

Reactie op artikel -Het is oorlog- van Aike Maarsingh in de Boerderij van 3 augustus jl. Voorop gesteld: ik heb ook grote zorgen over het beschikbaar hebben van voldoende gewasbeschermingsmiddelen voor alle gewassen.  Maar ik heb ook grote zorgen voor de gevolgen op onze omgeving van de zwaar belastende chemische gewasbeschermingsmiddelen.

De LTO wil vasthouden aan het bestaande brede middelenpakket.  Ik vind dit niet van deze tijd, het getuigt niet van:
 -een aanvoelen van wat er maatschappelijk en politiek leeft op dit terrein;
 -van kennis en ervaring van de mogelijkheden die er op dit moment zijn;            
– kennis van de ontzettend grote verschillen in milieubelasting van  gewasbeschermingsmiddelen die er tussen vergelijkbare bedrijven zijn.

Wijngaardslak

De LTO moet niet kost wat kost vast blijven houden aan het bestaande brede middelenpakket, maar zoeken naar creatieve oplossingen zoals:

  • Het -off label use- systeem dat in Engeland gebruikt wordt. Echter alleen voor middelen met een hele lage milieubelasting.
  • Een Europees beleid laat mogelijk nog tientallen jaren op zich wachten, mogelijk is wel iets te doen in Noord-Europees verband. Praat eens met Duitse, Belgische, Deense en Engelse collega’s   (In Duitsland zijn minder middelen toegelaten voor de uienteelt dan in Nederland, onze Duitse collega’s zitten verlegen om oplossingen).
  • De Belgische Boerenbond doet samen met de fabriek/importeur de toelatingsaanvraag en draagt daardoor ook bij in de kosten van de aanvraag. Op deze manier is een middel voor een importeur eerder financieel interessant, zeker voor kleine toepassingen.
  • Breng aan alle boeren op een ludieke manier de resultaten van honderden en waarschijnlijk zelfs van duizenden boeren in beeld die sinds 1990 hun MBP van gewasbeschermingsmiddelen op hun bedrijf met > 80% hebben verlaagd.

(zie mijn pagina op internet over toelatingsbeleid van gewasbeschermingsmiddelen, http://www.home.wxs.nl/~nhuijts) nu www.kasteelhoeveputh.nl

Er is nog veel mogelijk om de milieubelasting te verlagen: in het rapport bij de besprekingen voor het Masterplan phytophthora is een gemiddelde milieubelasting in Nederland van gewasbeschermingsmiddelen van ruim 14000 milieubelastingspunten (MBP) /ha voor aardappelen. Een groep van circa 30 collega’s in deze regio die deelnemen aan een phytophtora waarschuwingssysteem en een referentiegroep van circa 25 collega’s hebben gemiddeld een 3000 MBP /ha. Een groot verschil, er moeten dus bedrijven zijn met een MBP van >20000 MBP/ha om aan het Nederlands gemiddelde te komen

Norbert Huijts

Onze milieu gedeputeerde (tot voor kort werkzaam in een landbouw Coöperatie) van de provincie Limburg schreef verleden jaar:  de leefkwaliteit op aarde staat stevig onder druk, dat verplicht iedereen tot meer dan wat de wet toestaat.  We hebben de aarde immers geleend van onze kinderen, niet waar.

Torenvalk

Voerendaal

E-mail: n.huijts@wxs.nl

Site:      http://home.wxs.nl/~nhuijts

Tot zover de brief uit 1999,  hieronder een aanvulling uit 1999

In een van de vele artikelen over de herijking van de gewasbeschermingsmiddelen die de laatste weken in de vakbladen staan, wordt gezegd dat de overheid een onbetrouwbare partner is.  Dat wil ik niet bestrijden, maar ik heb me vaak genoeg afgevraagd of wij als akkerbouwsector zelf zo’n betrouwbare partner zijn voor de overheid. De resultaten van het convenant het MJP-G die de sector met de overheid heeft afgesloten zijn zonder meer bedroevend. We hebben niet gedaan wat we afgesproken hebben. Terwijl vele projecten verspreid over het hele land hebben laten zien dat de afspraken in het MJPG goed haalbaar zijn met behoud van inkomen.  De verlagingen in het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen die sinds begin jaren negentig gerealiseerd zijn, zijn vooral het gevolg van de veranderde wetgeving op het gebied van grondontsmettingsmiddelen en de toelating van nieuwe middelen met een heel laag actieve stofgehalte.

Als wij als sector niet kunnen aangeven hoe de te bereiken verlaging van de milieubelasting gerealiseerd worden, zullen ambtenaren het van achter het bureau moeten doen. ….

Haas.

Aanvulling: oktober 2026

Dat laatste (maatregelen van ambtenaren, RIVM end. Instanties) is na het jaar 2000 gebeurt. Als we nu anno 2026 de mogelijkheden die er zijn om de milieubelasting van gewasbeschermingsmiddelen te verlagen niet gebruiken zullen we nog verder ingeperkt worden. Onderhandel stevig en vraag tijd om maatregelen op bedrijfsniveau door te voeren naar duidelijke verlaging milieubelasting.
Doelsturing zal een goed instrument zijn.

Norbert Huijts
Voerendaal
Gepensioneerd biologisch akkerbouwer
www.kasteelhoeveputh.nl/blog

Zwaluwen maken zich deze herfst gereed voor vertrek naar Afrika.

Meer halen uit Bodemleven

Meer halen uit bodemleven.

Beste bestuurders en medewerkers van de LLTB ,  NMFL en 2 leden provinciale staten van Limburg

Er zijn de laatste tijd op diverse sites veel positieve ontwikkelingen op het aanpakken en onderzoeken van crisissen in de landbouw.
Om enkele goede initiatieven en onderzoeken te benoemen:
– de nitraat weerberichten van de LLTB met daaraan gekoppelde adviezen.
– op de site van het Louis Bolk Instituut het gratis Ndicea programma die de binding en om het vrijkomen van stikstof voor plantengroei over de jaren heen te volgen, om zodoende gerichtere beslissingen te nemen.
– akkerwerkgroep in het peelgebied om stikstofniveau, waterkwaliteit en biodiversiteit te verbeteren.
– Een melkvee groep met < 30 deelnemers om stikstofniveau, erosie, waterkwaliteit en biodiversiteit te verbeteren.
– crowdfunding actie van Urgenda en LTO voor kruidenrijk mengsel voor weilanden en akkerlanden.
– de column van André Hoogendijk van BO-Akkerbouw met de goede onderzoeken voor het verbeteren van alle doelen.
– doelsturing om de landbouw van het stikstofslot te krijgen.

Ik lees op deze site en diverse anderen aandacht voor het bodemleven maar niet duidelijk genoeg waarom en welke acties ondernomen kunnen worden om het bodemleven te stimuleren.

Onderstaande foto laat duidelijk de verschillen zien in de uitwerking van het bodemleven op 2 verschillende percelen. De donkere band vanaf rechtsonder is de grens tussen beide percelen

Verschil in erosie



Een foto die ik in het voorjaar van 2024 genomen heb tijdens een wandeling in de Zuid-Limburgse heuvels na een flinke stortbui enkele dagen eerder.
Twee percelen suikerbieten beiden in het 2 bladstadium, die ongeveer gelijktijdig gezaaid waren.

Op het rechterperceel is de bodem door de felle stortbui platgeslagen doordat er geen grondbinding is door te weinig bodemleven. De wielsporen van de trekker en de rest van de akker zijn grijs van het van de helling afspoelen van de losse leem.

Het linker perceel zijn in de helling geen slijksporen te zien en hebben de trekker sporen en de tussen liggende stroken nog de bruine grondkleur. De grond heeft hier een kruimelstructuur waardoor een groot deel van het regenwater door de grond is opgenomen en daardoor weinig afspoeling heeft plaatsgevonden.

Buizerd op ons weerstation

Op een aantal bijeenkomsten/projecten zal goed uitgelegd zijn op welke manier het bodemleven functioneert. Toch denk ik dat er nog te weinig wordt verteld over het bodemleven, hoe het is samengesteld, welke functie het heeft en hoe we dit bodemleven kunnen stimuleren.
Bodemleven is heel divers en bestaat uit veel verschillende organismen, o.a.:
Diverse soorten wormen, aaltjes, insecten, bacteriën, virussen, schimmels, eencellige diertjes.
Samen zorgen ze voor het verteren van de (toegediende) organische stof, zodat de mineralen beschikbaar komen voor de groei van het bodemleven en de planten. Een deel wordt vastgelegd in de humus die ook vrijkomt bij de vertering van de organische stof. Dit laatste zorgt voor een goed kleihumus complex die lucht in de bodem toelaat, goed waterdoorlatend, vochtvasthoudend is en een goede mineralen huishouding.

De interactie ondergronds tussen het totale bodemleven en de ondergrondse wortels van de planten zijn cruciaal voor het bovengronds plantgedeelte voor gezonde groei en weerbaarheid tegen ziekten en plagen. Dit resulteert in een kwantitatief en kwalitatief gezond product voor mens en dier.
Het is belangrijk om in balans met de te verwachte opbrengst van het te telen gewas zoveel mogelijk mineralen in de vorm van organische stof te geven (o.a. stikstof en fosfor)
De overheden willen het gebruik van dierlijke mest verlagen, een aantal boeren zullen daardoor meer kunstmest gebruiken met als resultaat minder bodemleven en daardoor minder biodiversiteit.

Pinksterbloem

Teeltmaatregelen om de biodiversiteit ondergronds en bovengronds te vergroten:

  • Ruim teeltplan
  • Strokenteelt voor de biologische landbouw op onkruideg breedte en voor de gangbare landbouw op spuitbaanbreedte
  • Niet kerende grondbewerking (voor Zuid-Limburg wettelijk verplicht)
  • Zaai kruidenrijk grasmengsel en kruidenrijke groenbemester met daarin diverse vlinderbloemigen die stikstof binden, daardoor is minder stikstofkunstmest nodig
  • Beter inzicht door innovatie voor mineralenbehoefte van gewassen zoals:
    Gebruik van sensoren om de fotosynthese in het blad te meten om op deze manier de stikstof behoefte te bepalen
    Webprogramma Ndicea van het Louis Bolk Instituut gebruiken om mineralisatie in de bodem tijdens de groei te volgen.  https://louisbolk.nl/ndicea
  • Verse kruiden in voeding voor koeien verlaagt de methaanuitstoot en stimuleert de gezondheid en de biodiversiteit.
  • Jaarrond zoveel mogelijk plantengroei in en op de bodem zodat bodemleven actief blijft.


    De bijlagen geef ik op deze blog kort weer, zijn mogelijk op internet te vinden.

Atalanta

De schijf van 5 voor een goede ontwikkeling van het bodemleven.  Bron: Argrifirm

  • Bijlage: Column André Hoogendijk Bo-akkerbouw.

Tijd voor herziening van het mestbeleid van  2 april 2026
thema’s: Samenwerking akkerbouw en veehouderij
            
Omslag van kalenderlandbouw naar doelsturing
                Circulaire meststoffen
                Aan de slag
 André Hoogendijk is directeur van BO Akkerbouw

    –      Bijlage: Verse kruiden in voeding voor Koeien.
Verse kruiden in voeding voor koeien verlaagt methaanuitstoot
thema’s: Methaanemissieproeven: veelbelovende resultaten
                Effecten op de melksamenstelling
                Wat betekenen deze resultaten voor de melkveehouders?
                Conclusie
Bron: Hogeschool Van Hall Larenstein.  Publicatiedatum: vr 4 okt. 2024

 
Ik hoop dat er meer aandacht besteed wordt aan hoe het bodemleven functioneert en gestimuleerd kan worden.

Groetend,
Norbert Huijts
Voerendaal
Biologisch akkerbouwer met pensioen
n.huijts@planet.nl
www.kasteelhoeveputh.nl/blog

Avond zonlicht met prachtige kleuren

De nadelen van Gentechnologie

Artikel in De Limburger van 7 oktober 2023 op de Opiniepagina

Nieuwe Europese regels gaan het manipuleren van groente en fruit door gen-modificatie een stuk makkelijker maken, schreef De Limburger op 7 oktober in een groot artikel. Tot grote onvrede van biologische boeren in Nederland.

Het artikel zoomt in op een nieuwe variant van gen-modificatie, de CRISPER-Cas methode. De Europese Commissie wil consumptieproducten die zijn gemaakt met die methode toelaten op de markt zonder vermelding hiervan op de verpakking. Het Europees Parlement moet dit voorstel nog goedkeuren. Door de CRISPER vermelding achterwege te laten, kan de consument niet meer kiezen of hij deze voedselproducten wel of niet wil.

Met CRISPER hebben laboratoria de mogelijkheid om genen met een bepaalde gewenste eigenschap  heel nauwkeurig uit de DNA streng te knippen en in het DNA van een ander levend organisme te plakken. Die plant, of welk organisme dan ook, krijgt zo die gewenste eigenschap. Zelfs genen op die manier van een bacterie naar een plant verhuizen is mogelijk.

DNA

Een praktijkvoorbeeld: grondbacteriën hebben de eigenschap om het omstreden onkruidbestrijdingsmiddel glyfosaat, de werkzame stof van het product Roundup, af te breken. Onderzoekers hebben de genen gevonden die hiervoor zorgen en via CRISPER overgebracht naar maïs, sojabonen en katoen. Deze drie gewassen, grootschalig geteeld in Zuid-Amerika, worden met Roundup bespoten zodat alle onkruid doodgaat en alleen maïs, sojabonen en katoen overblijven. Die gewassen zijn dan immers niet langer gevoelig voor glyfosaat.  

Het op bredere schaal toepassen van CRISPER zal de biodiversiteit verminderen. Immers: deze genetisch gemodificeerde gewassen zullen wereldwijd op vele honderdduizenden hectares geteeld worden. Er ontstaan dan grote oppervlakten met monocultuur van een universeel ras. Voor biodiversiteit en natuur is daarbij geen enkele plaats. Bij deze grootschalige teelt zal de resistentie tegen tientallen ziekten en plagen snel afgebroken worden.
De boeren gaan er financieel op achteruit doordat de grote concerns de markt van gepatenteerde gewassen en gewasbeschermingsmiddelen volledig in handen hebben.
In het artikel in De Limburger staat ook dat in het verleden gen-modificatie geregeld leidde tot een toename van bestrijdingsmiddelen en bodemvervuiling, zoals in Zuid-Amerika.

Het is jammer dat de Limburgse Land en tuinbouwbond meegaat in de redenatie van de grote bedrijven. Tegenover de twee à vijf grote internationale bedrijven staan wereldwijd vele tienduizenden kleinere kwekerijen – boeren, familiebedrijven en coöperaties – die samen in staat zijn tientallen malen sneller planten te kweken met hoge resistentie tegen regionale ziekten en plagen.
Ook kleinere plantenkweekbedrijven maken samen gebruik van laboratoria om goede genen op te sporen om deze vervolgens op klassieke wijze in te kruisen.
De biologische landbouw wil geen geknutsel met gentech aan hun gewassen. Alleen biodiversiteit kan ziekte en plagen bij gewassen beheersbaar houden.

De biologische boer stimuleert biodiversiteit door juist op kleinere percelen te werken. De biologische boer zaait ook meerdere rassen van een gewas.. Hij stimuleert het hele bodemleven door de manier waarop hij de grond bewerkt en door kruidenrijk grasland en kruidenrijke groenbemester te zaaien.  Hij gebruik juist géén synthetisch-chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest.

Verkeerde afslag

De Wageningse emeritus-hoogleraar Edith Lammerts van Bueren waarschuwt dat door gentech en grootschalige landbouw de resistenties die nog in de wilde natuur voorkomen sneller zullen verdwijnen.

Crisper is ongetwijfeld een technisch hoogstandje, maar in het licht van de grotere opgave voor een duurzame en toekomstbestendige landbouw is het absoluut de verkeerde afslag.

Norbert Huijts
Voerendaal
Gepensioneerd biologisch akkerbouwer

Mijn mening stond vandaag in de krant De Limburger

Naar een duurzame landbouw

Ik ben in 1970 als akkerbouwer begonnen. Door het onderkennen van de problemen met kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen ben ik toegegroeid naar de biologische landbouw. In 2001 heb ik mij aangemeld om biologische producten te telen en te verkopen. In 2017 ben ik gestopt en met pensioen gegaan.

Het overspringen van infecties van dier op mens heeft te maken met het muteren van het coronavirus. Voor dit nieuwe virus was geen medicijn beschikbaar, waardoor het zo heftig om zich heen heeft kunnen grijpen. Dit is voor mij heel herkenbaar. Door gewassen op grote percelen en veel dieren in een stal te plaatsen, kunnen gemuteerde organismen zoals virussen zich snel en massaal uitbreiden. Door bestrijdingsmiddelen te gebruiken worden virussen, bacteriën, aaltjes, insecten en (on)kruiden hier op den duur immuun voor, waardoor telkens weer nieuwe sterkere middelen ontwikkeld moeten worden. Het gevolg is dat de natuur op en naast de akkers en dus ook de biodiversiteit sterk verslechterd. In mijn ogen is dit een vicieuze cirkel waar we nooit uitkomen, zoals ook hoogleraar Pim Martens onlangs in De Limburger betoogde.

Precisielandbouw

Gelukkig zijn er alternatieven. Naast biologische landbouw zijn er diverse technieken om zonder of met weinig gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen te werken om de biodiversiteit weer terug te krijgen. Door precisielandbouw kun je smallere percelen maken, waardoor nuttige insecten gemakkelijker andere schadelijke insecten kunnen bestrijden. Ook plagen zoals virussen en bacteriën krijgen zo minder kans om gewassen aan te tasten. Je kunt bijvoorbeeld zes of meer gewassen op stroken naast elkaar zaaien of planten en die jaarlijks afwisselen.

Lobby

Het internationale bedrijfsleven is evenwel niet geïnteresseerd in oplossingen die biologisch voor de hand liggen, omdat deze geen geld opleveren voor de aandeelhouders. De lobbyisten van deze concerns verhinderen dat deze nieuwe milieuvriendelijke inzichten doorbreken. De focus ligt uitsluitend op efficiëntie, rendement en schaalvergroting. Met de draagkracht van de aarde wordt geen rekening gehouden.

Ik sta daarom ook achter de protesten van de boeren bij de supermarkten, omdat de prijs die ze voor hun producten krijgen te laag is. Daarnaast is de prijs van gangbare producten ten opzichte van de biologische producten veel te laag, omdat een aantal kosten van de grootschalige landbouw door de samenleving betaald worden, zoals:– de kosten die waterleidingsbedrijven moeten maken om schoon drinkwater te leveren; – de energie die nodig is om kunstmest en bestrijdingsmiddelen te produceren. Dit vraagt gigantisch veel energie met als gevolg veel CO2-uitstoot, waardoor de landbouw een grote bijdrage levert aan de klimaatcrisis.

Haalbaar

Toch ben ik in het geheel genomen niet pessimistisch, omdat er de laatste tijd veel artikelen geschreven worden over de veranderingen die nodig zijn. Veel collega’s en ik hebben bewezen dat het praktisch en financieel haalbaar is biologisch voedsel te produceren, alleen zal de omschakeling niet in enkele jaren plaats kunnen vinden. Ook een aantal gangbare boeren heeft reeds stappen in de goede richting gezet. Maar er zal nog heel veel moeten veranderen in de landbouw, de industrie en het bedrijfsleven om de biodiversiteit in de wereld terug te krijgen. Ook maatschappelijk moet er nog het nodige gebeuren. Zo zal de consument zich bewuster moeten worden van wat hij in de winkel koopt. Want alleen door duurzaam geproduceerd voedsel te kopen, draagt deze bij aan herstel van de biodiversiteit – anders niet

Norbert Huijts woont in Voerendaal.

Zie website en blog www.kasteelhoeveputh.nl/blog

Mijn carrière

Ik ben Norbert Huijts uit Voerendaal. 

Op 31 december 2017 ben ik gestopt met mijn akkerbouwbedrijf Kasteelhoeve Puth in Voerendaal en met pensioen gegaan.
Ik ben geboren op hoeve Steinenis in Voerendaal en hier opgegroeid. Na de Lagere en Middelbare landbouwschool ben ik in 1970 in maatschap met mijn ouders en broer in het toen nog gemengde bedrijf gestapt.
De akkerbouwtak had mijn aandacht en het bedrijf was een gangbaar gevoerd bedrijf met gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen waarvan ik mij alle mogelijke kennis eigen maakte.
In 1983 ging ik alleen verder als pachter van kasteelhoeve Puth. Via akkerbouwstudiegroep en allerlei cursussen en bijeenkomsten door het hele land heb ik gewerkt om mijn kennis en ervaring uit te breiden.
in de jaren tachtig zag ik als boer en natuurliefhebber de natuur in het Putterbos en op het veld achteruit gaan door het intensieve gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen.  In het bos verdwenen een aantal zeldzame planten zoals 3 soorten orchideeën, klein glidkruid en andere planten. Overwoekerd door brandnetels. Ook in het veld waren guichelheil, akkerviooltje en bolderik verdwenen, ook de korenwolf die ik in mijn jeugd over de aardappelruggen zag lopen is verdwenen. 

Via cursussen, bezoek proefbedrijven in het hele land, allerlei bijeenkomsten heb ik mijn invloed op mijn omgeving omlaag gebracht. Vanaf 1990 heb ik deelgenomen aan een vierjarig landelijk project geïntegreerde akkerbouw (als basis: beginnen met biologische methoden en met schadedrempels werken om alsnog gangbaar in te grijpen). Het gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen is in die tijd drastisch omlaag gegaan.
Daardoor durfde ik het in 2001 aan om te schakelen naar biologische teelt en heb ik mij aangemeld bij Skal voor controle en het krijgen van een biologisch certificaat.  

ik eg hier met de onkruideg het kleine onkruid weg.


De machines voor de onkruidbestrijding waren grotendeels aanwezig vanuit de tijd van de geïntegreerde akkerbouw. De teelten lukten over het algemeen redelijk tot goed. De afzet daarentegen was een stuk moeilijker door de geïsoleerde ligging in Zuid-Limburg ten opzichte van de rest van Nederland. De afzet naar de Euregio ging ook stroef doordat eigen telers van België en Duitsland voorrang hadden. Ongeveer 10 jaar heb ik op kleinere schaal met een Duitse collega uit Aken samengewerkt. Ik heb het biologisch telen met veel passie gedaan en voelde me meer boer dan voorheen. In de gangbare tijd voelde ik mij vaak meer dokter dan boer doordat ik veel aan het kijken en beoordelen was hoeveel ziekte in het gewas aanwezig was en dit dan ging bestrijden.
Op de site www.kasteelhoeveputh.nl  staat informatie vanaf ongeveer 1995 onder “archief”.  

Ik kijk met veel plezier, ondanks alle ups en downs, terug op mijn werkzame leven als boer van 1970 tot en met 2017.

 

Biologische akkerbouw

Biologische akkerbouw wil zeggen, dat er geen chemische bestrijdingsmiddelen en geen kunstmest gebruikt worden bij het telen van de gewassen. Ook wordt geen gebruik gemaakt van genetisch gemanipuleerde gewassen.

Biologische akkerbouw is veel beter voor de natuur op en rondom het bedrijf. De biodiversiteit is een belangrijk item om ziekten en plagen in de gewassen te beheersen. Het is veel minder belastend voor het milieu dan de gangbare manier van akkerbouw. Biologische producten zijn puur natuur en smaken heerlijk.