Reactie op het betoog van Schipperas in De Limburger van 6 juli 2021

Roer moet om in de landbouw

De richting die de manier van produceren van voedsel in de landbouw moet ingaan, is al vele tientallen jaren punt van discussie. De oplossingen die zij aandraagt in haar betoog in De Limburger (16/6) zullen niet veel bijdragen aan het verminderen van het klimaatprobleem. Welke keuzes kunnen boeren maken om duurzamer te gaan produceren? Honger in de wereld los je niet op door voedsel over de hele wereld te verslepen, maar door onze kennis van biologische landbouw en biodiversiteit naar ontwikkelingslanden te brengen. Een prachtig voorbeeld hiervan is het Sekem-project in de woestijn van Egypte.
Ik zet vraagtekens bij het gebruik van additieven in veevoer, het effect daarvan zal niet groot zijn op de methaanemissie. Vlees kweken uit een cel is mijns inziens geen ideale oplossing.
Minder vlees
Ik ben absoluut voorstander van het minder consumeren van vlees en het gebruik van plantaardige proteïnen ter vervanging van vlees. De teelt van vlinderbloemige gewassen zoals (kikker)erwten, bonen, peulen, lupinen en andere gewassen die stikstof produceren, waarvan eiwitten gemaakt worden, moet veel meer gestimuleerd worden. Deze gewassen moeten voor de Nederlandse markt vooral in Nederland en Europa geteeld worden, niet in verre landen.
Het gaat erom welke keuzes boeren gaan maken om duurzamer te kunnen produceren. Er hebben in de afgelopen tientallen jaren hoofdzakelijk twee soorten innovaties plaatsgevonden in de landbouw gesteund door onderzoek aan de Landbouw Universiteit Wageningen en de vele proefbedrijven:
– Produceren van plantaardig en dierlijk voedsel met gebruik van kunstmatige middelen zoals kunstmest en synthetische bestrijdingsmiddelen; toegepast met gebruik van precisielandbouwapparatuur. Deze manier gaat uit van bestrijden van ziekten en plagen en een maximale opbrengst, liefst met gebruikmaking van gentechnologie; in de EU is dit niet toegestaan.
– Produceren van plantaardig en dierlijk voedsel met gebruik van alleen natuurlijke processen en het gebruik van rassen die een grote weerbaarheid hebben tegen ziekten en plagen.
Het afwisselend telen van zes of meer gewassen, steeds vaker in smalle stroken zodat ziekten en plagen beheersbaar blijven, toegepast met gebruik van precisielandbouwapparatuur en mechanische onkruidwieders gestuurd door camera- en/of satellietbesturing.
Deze methode wordt gebruikt door biologische boeren en enkele gangbare landbouwers.

Ook gangbare telers kunnen strokenteelt toepassen op spuitbreedte, zodat indien gewenst ze kunnen ingrijpen op synthetische wijze met gewasbescherming en kunstmest. De biodiversiteit gaat met sprongen omhoog evenals de weerbaarheid tegen ziekten en plagen van de cultuurgewassen.
Hierboven een foto van een gangbaar bedrijf met gewasstroken op breedte van zijn spuitmachine.

Landbouwinnovatie is niet iets van de laatste jaren. Ik heb vanaf 1970 alsmaar gezocht naar landbouwmethodes die het produceren van producten beter, gemakkelijker en rendabeler maken. Ik werkte samen met collega’s in studieclubverband, bezocht proefbedrijven in het hele land en maakte excursies naar bedrijven van collega’s in Duitsland, België en Frankrijk, bijeenkomsten/vergaderingen om mijn kennis bij te spijkeren op het gebied van teelt, techniek, wettelijke regels en mijn ondernemerschap. De eerste vijftien jaar lag mijn focus vooral op het correct toepassen van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Langzaam werd mij duidelijk dat deze manier van werken nadelig is voor het milieu in en om mijn velden.
Vertrouwen
In 1990 heb ik meegedaan aan een project met geïntegreerde akkerbouw (telen op de biologische manier met de mogelijkheid om op gangbare wijze in te grijpen). Daardoor kreeg ik het vertrouwen dat ik ook zonder synthetische bestrijdingsmiddelen en kunstmest kon. In 2001 heb ik mij laten certificeren voor het telen van biologische producten. Ik heb ook meer plezier en voldoening beleefd aan het biologisch boeren.
Edith Schippers en overheid, beloon boeren (of ze nu gangbaar of biologisch werken) die aantoonbaar veel minder milieuvervuilende emissies veroorzaken dan gebruikelijk is in de sector, eerst met minder knellende regels en geef ze daardoor meer ruimte om hun bedrijf verder te ontwikkelen. Deze kennis willen zij ook graag overdragen aan collega’s in ontwikkelingslanden.
Norbert Huijts uit Voerendaal was tot 2018 biologisch akkerbouwer in Voerendaal.

Een Distelvlinder langs een akkerrand

Onze groentetuin

Het voorjaar van 2021 is en blijft koud en nat. Alle planten in onze moestuin doen er hun voordeel mee en/of worden er tegelijkertijd door belemmerd in hun ontwikkeling. Voldoende water, te weinig warmte en zonnelicht. Eind deze week wordt het warmer….

Norbert heeft al heel wat uren voorbereidend werk verricht: afgemaaid gras, bij elkaar gewaaide bladeren als humus verspreid; spitten met de spitvork; onkruidvrij houden; rek vastzetten voor tomaten en paprika’s en tenslotte zaaien en planten.

Onze grote trots is het aardappeltuintje, waarin onze 5 kleinkinderen samen met opa hun eigen aardappel hebben gepoot.

De aardbeienplantjes staan volop in bloei. Vanmorgen is de eerste bleek gekleurde aardbei te zien.

Knoflook is al voor de winter geplant. Een gedeelde van de stengels is geel. Deels van de kou, deels hoort dit erbij: eind juni kan er worden begonnen met de oogst.

Rabarberstengels zijn al diverse keren geoogst. Rabarbercrunch, rabarbervla(ai) en rabarber als dessert. De vriezer blijkt opnieuw een onmisbaar onderdeel van de provisie.

Bieslook heeft al diverse pesto’s opgeleverd, die eveneens in porties in de vriezer liggen.

Bladeren van Lavas en wilde marjolein zitten gedroogd en gemalen in een klein potje.

Spinazie doet het dit voorjaar goed; we hebben er al lekker van gesmuld!

Oost-Indische kers blaadjes groeien in potten; in salades hebben we er al van gesmuld, samen met bieslook en klaverzuring.

Erwten, tuinbonen, aardappelen, tomaten en cocktailtomaatjes, paprika, courgettes, witte, rode en spitskool en een paar slaplanten doen zo goed en zo kwaad mogelijk hun best om ons later te laten genieten van hun producten.

Binnen wachten basilicumplanten en alle andere plantjes van onze moestuintjes warmere tijden af. Ze overleven, maar missen licht en warmte van de zon.

Tot nu toe hebben we dit voorjaar nog geen overlast van slakkenvraat, muisjes, duiven en hazen in onze moestuin. Slakken en muisjes zijn er zeker, maar ze zijn niet tot overlast. Incidenteel zien we er duiven en hazen. 

We wachten op het zonnetje.

Gazon voor en achter het huis.

Dit voorjaar was er veel mos in het gazon vooral vóór het huis. Dat duidt op zure grond. Daarom heb ik eerst de zode geverticuteerd en enkele dagen later kalk gestrooid. Een week later heb ik organisch mest gestrooid. Samen met de witte klaver en het bodemleven ziet het er nu weer mooi frisgroen uit.

OP de gazons voor en achter het huis vang ik het gras, dat ik maai, op en strooi dit als bemesting in de groentetuin of border.  Zie de foto van de aardappelruggen in de groentetuin.

Op het grote gazon achter de groentetuin laat ik het gras gewoon vallen, dat daardoor als bemesting dient.

Al het gras maai ik niet te kort. Daardoor is het minder gevoelig is voor droogte.

Voorjaarswandeling Kunderberg

d@43(RJ\Vco)P54>)cDit jaar is een koud voorjaar en de plantengroei ligt weken achter op andere jaren. Ieder jaar willen we naar de kalkgrashellingen in de Kunderberg om de bijzondere flora te bekijken. Het is bewolkt, winderig en koud, maar droog. We rijden op de fiets naar de Kunderberg, zetten de fiets aan de kant en lopen langs de helling door, de veldweg omhoog en gaan via het poortje de kalkgraslandhelling op. Lopend over de paden speuren we naar de bloemen en bladeren van het grote palet aan planten dat op deze plek groeit.
De akelei is al met verschillende kleuren in volle bloei te bewonderen.

Ook de gele ratelaar staat op vele plekken volop in bloei.


Een enkele gewone vleugeltjesbloem staat in bloei.


De veldsalie laat volop zijn pracht zien.


Het muskuskruid staat massaal over de hele helling.


Van de vele orchideeën hebben we er maar één soort gevonden: op een plek stonden enkele Keverorchissen net in bloei. Voor de andere hier bekende soorten is het nog veel te koud.


Als laatste een foto van de kalkgraslandhelling genomen richting Ubachsberg.


Tevreden lopen we via het pad aan de bovenkant van het plateau terug naar onze fietsen om huiswaarts te keren.
Het is duidelijk zichtbaar dat vele planten het nog koud hebben en wachten op warmere tijden.

Bezigheden na mijn pensionering geplaatst 15-03-2021





De afgelopen week hebben we genoten van de aankomende lente rondom ons huis en in de directe
omgeving. Moestuin en borders vragen aandacht. De tuinbonen heb ik geplant; knoflook, bieslook en tijm tonen al een voorzichtige groei. De kleine maagdenpalm in de helling vertoont al heel wat kleine spruiten en bloemen.


Maar ongewenst kruid moet nu ook aangepakt worden: paardenbloem, boterbloem, distel en biggenkruid.
Iedere dag gaan we een eindje wandelen. Mijn collega’s zijn weer gestart met hun lente activiteiten op de akkers: mengmest uitrijden en zomergerst inzaaien. Door de regen van afgelopen dagen is de
lössgrond nu te nat en kan er niet meer op de akkers worden gereden.

Tijdens verschillende wandelingen zagen we grote groepen kraanvogels overvliegen, een prachtig gezicht en gezellig geluid.

In de bossen rondom kasteel Puth is de afgelopen weken hard gewerkt om de omgevallen bomen op te ruimen. De kleinere takken en takjes worden op elkaar gestapeld, zodat dieren er hun (schuil)plekje kunnen zoeken; de stammen en stammetjes worden in verplaatsbare stukken gezaagd en grotendeels afgevoerd. Ook een bos heeft van tijd tot tijd aandacht en onderhoud nodig.
De vorige eigenaar heeft +/- 40 jaar geleden struiken en bomen aangeplant maar nooit de te dichte stand gedund. De bomen zijn daardoor heel dun en hoog opgeschoten en daardoor erg kwetbaar voor de wind. Door de open ruimte die nu ontstaat krijgt de bodembegroeiing meer ruimte waardoor de biodiversiteit in het bos toeneemt.

speenkruid

Gisteren heb ik biologische speltkorrels afgehaald bij De Commandeursmolen. Met mijn graanmolen heb ik gisteren een voorraad speltkorrels gemalen, zodat we heel vers meel kunnen gebruiken om brood mee te bakken.
Vandaag heb ik weer brood gebakken, biologisch uiteraard! Met de zuurdesembroden ben ik gisteravond begonnen: de starter en de eerste helft van het meel hebben de hele nacht kunnen ‘werken’, de rest heb ik er in de loop van vandaag bijgevoegd. Zo meteen gaan de broden in de oven.
Drie zuurdesembroden: volkoren speltmeel met volkoren roggemeel; volkoren speltmeel met volkoren roggemeel en speltbloem met nootjes.
En gistbrood van volkoren speltmeel met volkoren roggemeel en speltbloem.



Ondanks corona hebben we nog volop activiteiten en gaan de dagen snel voorbij. Gelukkig, want het is niet fijn dat we onze kinderen en kleinkinderen nauwelijks fysiek zien. Gelukkig wel regelmatig online, zoals vanmorgen toen mijn vrouw ons kleinkind Lotte hielp met haar online huiswerk, omdat ze thuis moest blijven doordat er een kind in haar klas positief was.


Mijn mening stond vandaag in de krant De Limburger

Naar een duurzame landbouw

Ik ben in 1970 als akkerbouwer begonnen. Door het onderkennen van de problemen met kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen ben ik toegegroeid naar de biologische landbouw. In 2001 heb ik mij aangemeld om biologische producten te telen en te verkopen. In 2017 ben ik gestopt en met pensioen gegaan.

Het overspringen van infecties van dier op mens heeft te maken met het muteren van het coronavirus. Voor dit nieuwe virus was geen medicijn beschikbaar, waardoor het zo heftig om zich heen heeft kunnen grijpen. Dit is voor mij heel herkenbaar. Door gewassen op grote percelen en veel dieren in een stal te plaatsen, kunnen gemuteerde organismen zoals virussen zich snel en massaal uitbreiden. Door bestrijdingsmiddelen te gebruiken worden virussen, bacteriën, aaltjes, insecten en (on)kruiden hier op den duur immuun voor, waardoor telkens weer nieuwe sterkere middelen ontwikkeld moeten worden. Het gevolg is dat de natuur op en naast de akkers en dus ook de biodiversiteit sterk verslechterd. In mijn ogen is dit een vicieuze cirkel waar we nooit uitkomen, zoals ook hoogleraar Pim Martens onlangs in De Limburger betoogde.

Precisielandbouw

Gelukkig zijn er alternatieven. Naast biologische landbouw zijn er diverse technieken om zonder of met weinig gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen te werken om de biodiversiteit weer terug te krijgen. Door precisielandbouw kun je smallere percelen maken, waardoor nuttige insecten gemakkelijker andere schadelijke insecten kunnen bestrijden. Ook plagen zoals virussen en bacteriën krijgen zo minder kans om gewassen aan te tasten. Je kunt bijvoorbeeld zes of meer gewassen op stroken naast elkaar zaaien of planten en die jaarlijks afwisselen.

Lobby

Het internationale bedrijfsleven is evenwel niet geïnteresseerd in oplossingen die biologisch voor de hand liggen, omdat deze geen geld opleveren voor de aandeelhouders. De lobbyisten van deze concerns verhinderen dat deze nieuwe milieuvriendelijke inzichten doorbreken. De focus ligt uitsluitend op efficiëntie, rendement en schaalvergroting. Met de draagkracht van de aarde wordt geen rekening gehouden.

Ik sta daarom ook achter de protesten van de boeren bij de supermarkten, omdat de prijs die ze voor hun producten krijgen te laag is. Daarnaast is de prijs van gangbare producten ten opzichte van de biologische producten veel te laag, omdat een aantal kosten van de grootschalige landbouw door de samenleving betaald worden, zoals:– de kosten die waterleidingsbedrijven moeten maken om schoon drinkwater te leveren; – de energie die nodig is om kunstmest en bestrijdingsmiddelen te produceren. Dit vraagt gigantisch veel energie met als gevolg veel CO2-uitstoot, waardoor de landbouw een grote bijdrage levert aan de klimaatcrisis.

Haalbaar

Toch ben ik in het geheel genomen niet pessimistisch, omdat er de laatste tijd veel artikelen geschreven worden over de veranderingen die nodig zijn. Veel collega’s en ik hebben bewezen dat het praktisch en financieel haalbaar is biologisch voedsel te produceren, alleen zal de omschakeling niet in enkele jaren plaats kunnen vinden. Ook een aantal gangbare boeren heeft reeds stappen in de goede richting gezet. Maar er zal nog heel veel moeten veranderen in de landbouw, de industrie en het bedrijfsleven om de biodiversiteit in de wereld terug te krijgen. Ook maatschappelijk moet er nog het nodige gebeuren. Zo zal de consument zich bewuster moeten worden van wat hij in de winkel koopt. Want alleen door duurzaam geproduceerd voedsel te kopen, draagt deze bij aan herstel van de biodiversiteit – anders niet

Norbert Huijts woont in Voerendaal.

Zie website en blog www.kasteelhoeveputh.nl/blog

Mijn carrière

Ik ben Norbert Huijts uit Voerendaal. 

Op 31 december 2017 ben ik gestopt met mijn akkerbouwbedrijf Kasteelhoeve Puth in Voerendaal en met pensioen gegaan.
Ik ben geboren op hoeve Steinenis in Voerendaal en hier opgegroeid. Na de Lagere en Middelbare landbouwschool ben ik in 1970 in maatschap met mijn ouders en broer in het toen nog gemengde bedrijf gestapt.
De akkerbouwtak had mijn aandacht en het bedrijf was een gangbaar gevoerd bedrijf met gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen waarvan ik mij alle mogelijke kennis eigen maakte.
In 1983 ging ik alleen verder als pachter van kasteelhoeve Puth. Via akkerbouwstudiegroep en allerlei cursussen en bijeenkomsten door het hele land heb ik gewerkt om mijn kennis en ervaring uit te breiden.
in de jaren tachtig zag ik als boer en natuurliefhebber de natuur in het Putterbos en op het veld achteruit gaan door het intensieve gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen.  In het bos verdwenen een aantal zeldzame planten zoals 3 soorten orchideeën, klein glidkruid en andere planten. Overwoekerd door brandnetels. Ook in het veld waren guichelheil, akkerviooltje en bolderik verdwenen, ook de korenwolf die ik in mijn jeugd over de aardappelruggen zag lopen is verdwenen. 

Via cursussen, bezoek proefbedrijven in het hele land, allerlei bijeenkomsten heb ik mijn invloed op mijn omgeving omlaag gebracht. Vanaf 1990 heb ik deelgenomen aan een vierjarig landelijk project geïntegreerde akkerbouw (als basis: beginnen met biologische methoden en met schadedrempels werken om alsnog gangbaar in te grijpen). Het gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen is in die tijd drastisch omlaag gegaan.
Daardoor durfde ik het in 2001 aan om te schakelen naar biologische teelt en heb ik mij aangemeld bij Skal voor controle en het krijgen van een biologisch certificaat.  

ik eg hier met de onkruideg het kleine onkruid weg.


De machines voor de onkruidbestrijding waren grotendeels aanwezig vanuit de tijd van de geïntegreerde akkerbouw. De teelten lukten over het algemeen redelijk tot goed. De afzet daarentegen was een stuk moeilijker door de geïsoleerde ligging in Zuid-Limburg ten opzichte van de rest van Nederland. De afzet naar de Euregio ging ook stroef doordat eigen telers van België en Duitsland voorrang hadden. Ongeveer 10 jaar heb ik op kleinere schaal met een Duitse collega uit Aken samengewerkt. Ik heb het biologisch telen met veel passie gedaan en voelde me meer boer dan voorheen. In de gangbare tijd voelde ik mij vaak meer dokter dan boer doordat ik veel aan het kijken en beoordelen was hoeveel ziekte in het gewas aanwezig was en dit dan ging bestrijden.
Op de site www.kasteelhoeveputh.nl  staat informatie vanaf ongeveer 1995 onder “archief”.  

Ik kijk met veel plezier, ondanks alle ups en downs, terug op mijn werkzame leven als boer van 1970 tot en met 2017.

 

Biologische akkerbouw

Biologische akkerbouw wil zeggen, dat er geen chemische bestrijdingsmiddelen en geen kunstmest gebruikt worden bij het telen van de gewassen. Ook wordt geen gebruik gemaakt van genetisch gemanipuleerde gewassen.

Biologische akkerbouw is veel beter voor de natuur op en rondom het bedrijf. Het is veel minder belastend voor het milieu dan de gangbare manier van akkerbouwen. Biologische producten zijn puur natuur en smaken heerlijk.

Energiecoöperatie De Omslag in Voerendaal

We hebben maar één aarde, en de laatste eeuw zijn we er niet zo zuinig mee om gegaan. Dit betekent dat toekomstige generaties mensen hierdoor in de problemen gaan komen. Hoog tijd om duurzamer met de wereld om te gaan.

De laatste jaren zijn er daarbij steeds meer plaatselijke initiatieven, waarbij men lokaal manieren gaat zoeken om:

  1. Minder energie te gebruiken (bijvoorbeeld door isolatie of door bewust zuiniger om te gaan met energie)
  2. De energie op een duurzame manier op te wekken.

Ook in Voerendaal is men hierbij bezig, de lokale energiecoöperatie in Voerendaal heet De Omslag. Ik ben er lid van geworden en ben er heel enthousiast over.